We zijn bang gemaakt voor buikdruk. Maar is dat eigenlijk nodig?

jul 16, 2026 | Bevalling, Zwangerschap

Na een zwangerschap hoor je het misschien wel om je heen.

“Pas op met buikdruk.”

Misschien herken je het wel. Je wilt weer voorzichtig wat gaan sporten, tilt je baby uit bed of denkt na over een buikspieroefening. En ergens hoor je dat stemmetje: mag dit eigenlijk wel?

Die onzekerheid begrijpen we heel goed. Want jarenlang lag de nadruk vooral op het vermijden van buikdruk tijdens en na de zwangerschap. En eerlijk is eerlijk: ook wij hebben dat, vanuit de kennis die er toen was, zo uitgelegd.

Maar de wetenschap staat gelukkig niet stil.

Net als bij de vernieuwde inzichten over relaxine, is er de afgelopen jaren ook meer onderzoek gedaan naar buikdruk. Daardoor begrijpen we steeds beter wat er daadwerkelijk gebeurt in het lichaam. Niet omdat alles wat we vroeger vertelden fout was, maar omdat we nu meer weten. En dat helpt ons om vrouwen nog beter te begeleiden.

Wat is buikdruk eigenlijk?

Het woord buikdruk klinkt al snel alsof het iets is wat je liever wilt voorkomen.
Maar wist je dat je de hele dag buikdruk maakt?

Als je uit bed stapt.

Als je je baby optilt.

Als je een boodschappentas draagt.

Als je niest, lacht of moet hoesten.

Zelfs tijdens een rustige wandeling verandert de druk in je buik voortdurend. Het is juist een heel normaal onderdeel van hoe je lichaam beweegt. Zonder buikdruk zouden we namelijk helemaal niet goed kunnen tillen, draaien of kracht leveren.

De vraag is dus niet óf je buikdruk maakt. De vraag is hoe jouw lichaam met die druk omgaat.

Wat weten we inmiddels?

Een onderzoek waarin de buikdruk tijdens verschillende dagelijkse activiteiten werd gemeten, leverde een aantal verrassende inzichten op. Zo bleek dat een curl-up, een oefening die jarenlang vaak werd afgeraden, juist een relatief lage totale belasting gaf. Hoesten zorgde juist voor de hoogste drukpieken. En hardlopen gaf niet per se de hoogste drukpiek, maar wel duizenden herhaalde drukmomenten achter elkaar.

Misschien nog wel belangrijker was een andere ontdekking.

Twee vrouwen konden tijdens precies dezelfde activiteit een heel verschillende buikdruk ontwikkelen. Dat betekent dat buikdruk niet alleen afhangt van de oefening die je doet.
Je eigen lichaam speelt minstens zo’n grote rol.

De infographic van PowerMama met de verschillende buikdrukgrafieken uit het onderzoek.

Dat verandert hoe we naar herstel kijken

En dat is misschien wel de mooiste ontwikkeling.
Want het betekent dat we niet meer alleen hoeven te kijken naar de vraag: welke oefening mag wel en welke niet?
We mogen juist kijken naar de vrouw die de oefening doet.

Hoe gaat het met haar herstel?

Hoe belastbaar is haar lichaam op dit moment?

Hoe reageert haar bekkenbodem?

Voelt een oefening prettig? Blijven eventuele klachten weg? Past de belasting bij de fase waarin ze zit?
Dat geeft veel meer informatie dan alleen de hoeveelheid buikdruk.

Moet je buikdruk vermijden?

Nee.
Tenminste… niet alleen omdat een oefening buikdruk geeft.
Buikdruk hoort bij bewegen. Je kunt het niet voorkomen en dat hoeft ook helemaal niet.
Waar het om gaat, is of jouw lichaam die belasting op dat moment goed aankan.
Daarom begeleiden we vrouwen bij PowerMama niet vanuit angst voor buikdruk, maar vanuit belastbaarheid.

Dat betekent dat we kijken naar het totaalplaatje. Naar jouw herstel, jouw techniek, eventuele klachten en hoe jouw lichaam reageert op de oefeningen die je doet.

Want een oefening is niet automatisch goed of fout. Of iets passend is, hangt altijd af van de vrouw die hem uitvoert.

Dus…

De nieuwste inzichten leren ons dat buikdruk veel genuanceerder ligt.
Niet de hoeveelheid buikdruk bepaalt of een oefening geschikt is.
Het gaat erom of jouw lichaam op dat moment voldoende belastbaar is voor die activiteit.
En misschien geeft dat wel de meeste rust. Je hoeft niet bang te zijn voor iedere vorm van buikdruk.
Je mag leren vertrouwen op je lichaam én op een opbouw die past bij jouw herstel.